Tijdens een feestavond is een familieruzie geëscaleerd waarbij de 20-jarige B.T. en zijn vader, de 59-jarige B.R., betrokken waren. Na het feest begaf B.T. zich samen met enkele familieleden naar het huis van zijn oom, de 40-jarige J.S. Daar zou hij zijn oom hebben gewaarschuwd dat niemand zijn vader lastig moest vallen. Binnen de familie was er al eerder sprake van spanningen waarbij B.R. betrokken was.
De situatie liep uit de hand toen B.T. het jachtgeweer van zijn vader pakte en op zijn oom richtte. Op vrijdag 28 maart deed J.S. aangifte bij het politiebureau van Nieuwe Grond.
Bij het daaropvolgende politieonderzoek werd de eigenaar van het vuurwapen, B.R., aangetroffen. Hij bleek onder invloed te zijn en weigerde het jachtgeweer af te geven.
Sterker nog, hij richtte het wapen op de dienstdoende politieagenten. Dankzij het tactvolle optreden van de wetsdienaren kon B.R. worden ontwapend.
Tijdens een veiligheidsfouillering werd een hagelpatroon in zijn broekzak aangetroffen. B.R. verzette zich hevig tegen zijn aanhouding. Zowel hij als zijn zoon B.T. werden overgebracht naar het politiebureau van Nieuwe Grond.
Na afstemming met het Openbaar Ministerie zijn vader en zoon in verzekering gesteld.