NDP-assembleelid Keshopersad Gangaram Panday vindt het voorstel van de oppositie om weer om de tafel te gaan met de bauxietmultinational Alcoa, zodat partijen tot een andere overeenkomst kunnen komen, nodeloos. Dit maakte hij vrijdag bekend in De Nationale Assemblee (DNA).
Hij vraagt zich af of een nieuwe onderhandeling met de Alcoa in het belang van het volk zal zijn. Toen de Brokopondo-overeenkomst in de jaren 60 werd gesloten tussen de regering en het bauxietbedrijf had de regering volgens het assembleelid te veel ruimte opengelaten voor de multinational, waardoor Suriname er bekaaid vanaf komt nu.
Dat er nu kritiek wordt geleverd op de huidige regering hierover vindt de NDP’er onterecht. Men komt nu met allerlei eisen. Waarom werd er niet geëist toen Suralco nog operationeel was, vraagt hij retorisch. Hierom vindt hij de discussies over de Alcoa-kwestie nodeloos.
Hij merkte op dat personen nu doen overkomen alsof ze van het binnenland houden en vraagt zich af waar ze toen waren. Alcoa heeft goed huisgehouden in Suriname en nu moeten we gezamenlijk kijken naar een oplossing, is de politicus van mening.
De regering heeft het voornemen de Afobaka-stuwdam over te nemen, waardoor zij ongeveer 70 tot 80 miljoen Amerikaanse dollar op jaarbasis kan besparen, stelt het NDP-assembleelid. Indien de stuwdam nog onder het beheer van Alcoa zou blijven, dan zou Suriname voor de komende jaren op jaarbasis dit bedrag moeten neertellen aan de multinational, legde Gangaram Panday uit. Voor Suriname is dit een besparing, meent hij.
Als het aan hem ligt, mag de Afobaka-stuwdam liever vandaag dan morgen in handen komen van de overheid. Nu moet er gekeken worden onder welk staatsbedrijf de stuwdam kan komen.